Ik herinner het me nog goed. Het moment dat ik mijn oude leidinggevende Joop Pot tegenkwam in het trappenhuis van het Ministerie van Financiën en hij mij overviel met de vraag of ik zijn plaatsvervangend directeur wilde worden op de directie Financieel Economische Zaken. Ik was pas 29 en wist niet wat mij overkwam zo jong nog! Nog niet zo lang geleden keken we er samen onder het genot van een paar biertjes op terug. De werkrelatie van toen had zich inmiddels ontwikkeld tot een langdurige vriendschap. Wat Joop in essentie deed met mij en vele andere jonge medewerkers, waarvan velen het ook ver hebben geschopt in hun loopbaan, was op intuïtie talent vermoeden en dat vervolgens veel vertrouwen en ruimte geven. Ik kan het gevoel van “vleugels krijgen” en “verantwoordelijkheid nemen” als iemand zoveel vertrouwen en ruimte geeft nog goed terughalen. En na een paar biertjes groeide het idee dat ik onbewust misschien iets van die vroege ervaring in mijn eigen loopbaan heb meegenomen naar mijn eigen stijl van leidinggeven.
Kortom: wie vertrouwen en ruimte geeft zal gedrevenheid en verantwoordelijkheidsbesef oogsten.
Toen ik na een best vlotte loopbaan bij de Rijksoverheid al op mijn 36ste als gemeentesecretaris van Amsterdam voor Burgemeester Job Cohen mocht gaan werken kwam er een vormende ervaring bij die even tijd nodig had om tot mij door te dringen. Alsnog steeds “jonge hond” die daarmee ook altijd nadrukkelijk aanwezig was en daarmee ook onbewust veel ruimte innam, keek ik steeds weer met verwondering naar wat ik later de methode Cohen ben gaan noemen. Als voorzitter altijd pas als laatste inhoudelijk het woord nemen, eerst iedereen aan de tafel de gelegenheid geven zijn zegje te doen en te bevragen, om vervolgens als laatste beargumenteerd conclusies te trekken op basis van het gehoorde aan tafel. Met als gevolg dat iedereen zich gehoord voelde en breed draagvlak en ambassadeurschap voor het door de Burgemeester genomen besluit. Als ik het zo opschrijf klinkt het vanzelfsprekend. Dat het ook slim is om je eigen mening als Burgemeester nog even voor je te houden, omdat dat anderen wellicht belemmert zich in alle openheid uit te spreken. En dat je daarmee niet maximaal profiteert van alle kennis aan tafel. Mijn oorspronkelijke verwondering had te maken met vragen die deze werkwijze in het begin bij mij opriepen. Wat vindt de Burgemeester nu eigenlijk zelf? Moet hij als leider niet zelf richting geven? Een vraag die mij tegenwoordig ook regelmatig gesteld wordt als ik bij ongetemde vraagstukken iedereen die onderdeel is van het probleem en dus ook van de oplossing in één kamer zet en zelf vooral de onderlinge dialoog faciliteer.
Kortom: als je als leider steeds pas als laatste het woord neemt, neem je automatisch minder ruimte in en geef je maximaal ruimte aan alle kennis aan tafel. En je zorgt ervoor dat iedereen zich gehoord en gezien voelt met breed draagvlak tot gevolg.
Als ik dit zo opschrijf realiseer ik me nog iets. Als je zoveel ruimte krijgt van je leidinggevende is het ook veel makkelijker te accepteren als die leidinggevende corrigerend optreedt. Daar hadden Job Cohen en ik wel een verzachtend codewoord voor afgesproken te weten “boomvrucht” oftewel een ander woord voor “eikel”’. Taal en humor, ook best belangrijk.
Tot slot: het is dan ook geen toeval dat zowel Joop als Job op handen werden gedragen door hun medewerkers. En blije medewerkers zijn de belangrijkste succesfactor als het gaat om het boeken van resultaten.
Erik Gerritsen is bestuursvoorzitter van woningcorporatie Ymere. Hij was onder meer secretaris-generaal van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en gemeentesecretaris van Amsterdam.
***
We werken voor bestuurders en andere leidinggevenden, geven raad en voeren opdrachten uit. Zo komen we principalen tegen met wie we optrekken, van alles beleven en van wie we dikwijls spelenderwijs ook veel opsteken. Leermeesters, of ze nu een begrip en nog onder ons zijn of niet, geven diepe inzichten aan ons mee dan wel van anderen aan ons door. Soms ongemerkt putten we zo wijsheid uit het werkzame leven die weer boven komt drijven in een min of meer vergelijkbaar geval, die we aanhalen in het gesprek. In deze rubriek laten we telkens iemand anders aan het woord over een betekenisvolle leermeester in zijn of haar werk, niet zelden in de context van een uitspraak of anekdote. Eerder kwamen in deze rubriek zo gevleugelde woorden of een handreiking ter sprake van en voorvallen met Arthur Docters van Leeuwen (door Gert Jan Verhoog), Anton Dreesmann (door Eric Janssen), mr Cremers (door Jan Suyver), Greetje Segall (door Hans Maarten Parigger), Evert Bloembergen (door Joan Smithuis), Marten Oosting (door Henriette van Wermeskerken), Frank Lucassen (door Barthold van Hasselt), Harry Baayen (door Joop Pot), Wim Deetman (door Bruno Bruins), Ad Melkert (door David Jongen), Willem Breedveld (door Louis Cornelisse), mr. Stibbe (door Germ Kemper), Marja van Bijsterveldt (door Eric Stokkink), Paul Röttger (door Shirley Gast), Tjibbe Joustra (door Chris van der Schors), Andy Keeling (door Patrick Cammaert), Chiel Galjaard (door Guido Rijnja), Jan Kuijk (door Rimmer Mulder), Roel Bekker (door Geert Jan Hamilton).
Klik hieronder voor eerdere artikelen uit onze rubriek ‘Leermeesters’:
- Met de emotie van een vis in koud water door Geert Jan Hamilton
- De afgeleide vraag waar het inmiddels om gaat door Hannah Aukes
- Een blinde heiden maar verder wel in orde door Rimmer Mulder
- Eerste antwoord altijd fout door Guido Rijnja
- Je blijft altijd verantwoordelijk door Patrick Cammaert
- Het belang van vertrouwen en maatschappelijke relevantie door Chris van der Schors
- Adem in, adem uit en als je niks voelt, is het ook goed door Shirley Gast
- Mens blijven door Eric Stokkink
- Het is anders! door Germ Kemper
- Grondverven en aflakken door Louis Cornelisse
- Als broekie door David Jongen
- Voor de voet wegwerken door Bruno Bruins
- Roep de hond als hij naar je toekomt door Joop Pot
- Nicht ärgern, nur wundern door Barthold van Hasselt
- Vliegende galop door Henriette van Wermeskerken
- Foutenmarge door Joan Smithuis
- Wat kan er aan azijn zuur worden? door Hans Maarten Parigger
- Lees eerst de wet goed door Jan Suyver
- Drie vingers wijzen naar jezelf door Eric Janssen
- Niet uw dienstknecht door Gert Jan Verhoog
Nieuwsarchief
Wereldbeschouwing
In een autobiografisch jeugdverhaal, opgenomen in deel 1 van zijn verzameld werk, vertelt wijlen Karel van het Reve hoe hij als achtjarige, ziek te bed ...
Leermeesters: Nicht ärgern, nur wundern
Soms staan belangen op gespannen voet met elkaar, niet alleen tussen mensen maar ook met het oog op de toekomst. Van een adviseur kan dat ...
De ID-wallet: toegankelijkheid, gebruikersgemak en valkuilen
In onze digitale leefomgeving wordt het belang van veilige en betrouwbare identiteitsverificatie steeds groter. De Europese ID-wallet – een digitale portefeuille – is een langlopend ...
De journalist, de code en de NPO
Ongehoord Nederland, afgekort ‘ON!’, heeft heel wat te stellen met de Journalistieke Code van de NPO. De boetes wegens overtreding dwarrelen binnen. Dat is een ...
Leermeesters: Vliegende galop
In de jaren negentig was Marten Oosting de Nationale Ombudsman. Ik werkte er in die tijd een paar jaar als klachtenonderzoeker. Het instituut komt op ...
NC Magazine met Patrick Cammaert en Splinter Chabot
De voorjaarseditie van het NC Magazine is er! NC Magazine is de halfjaarlijkse publicatie van het Nationaal Comité 4 en 5 mei. Lees in dit ...
Leermeesters: Foutenmarge
Evert Bloembergen, telg uit een geslacht van bankiers, ondernemers en hoogleraren, was mijn tweede baas. De doopsgezinde voorzitter van de Raad van Bestuur, die bij ...
Hoofdpijndossier spreidingswet
Op 28 maart jl. diende staatssecretaris Eric van der Burg van Justitie en Veiligheid het wetsvoorstel in voor de ‘Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen’, ...
Intelligentie
U, lezer, hebt allicht schoolgaande kinderen en dan leest u in dit stukje denk ik geen nieuws. Maar als kinderloze vijftiger mis je gemakkelijk de ...

